Mistwedstrijd

  • 17.11.2010
Voetbal in de mist
???link.zoom???
Voetbal in de mist

De wedstrijd die iedereen zag, maar niemand heeft gezien. Precies veertig jaar geleden, Ajax-Liverpool, in dichte mist, vijf-een. In Andere Tijden de herinneringen van Johan Cruijff, Sjaak Swart, Herman Kuiphof en Louis van Gaal, die als vijftienjarige langs suppoosten glipte om meer te kunnen zien. Donderdag, vijf voor negen, Nederland twee.

Een voetbalsprookje in de mist

Het is de favoriete voetbalwedstrijd van Johan Cruijff: de wedstrijd Ajax-Liverpool van 7 december 1966. In dichte mist verslaan de Amsterdammers in het Olympisch Stadion in Amsterdam de kampioen van Engeland met 5-1. Andere Tijden heeft het succesteam van toen grotendeels bij elkaar gebracht in het Olympisch Stadion. Sjaak Swart, Klaas Nuninga, Henk Groot en anderen halen herinneringen op. Ook toeschouwers, onder wie Louis van Gaal, vertellen wat ze die bewuste avond hebben gezien en vooral hebben gehoord. Een legendarische wedstrijd, die gezien wordt als het begin van het totaalvoetbal. Hier werd de basis gelegd voor de prestaties op het Wereldkampioenschap van 1974 in Duitsland. Sjaak Swart: "Het was een sprookje waarvan niemand geloofde dat het echt gebeurd is." Klaas Nuninga: "Het was echt fantastisch."

Aanloop

Het Ajax-elftal van 1966
Zoom
Het Ajax-elftal van 1966

Ajax op het Europese strijdtoneel

Ajax is de eerste ronde van het Europacup-toernooi doorgekomen door van de Turkse club Besiktas te winnen. Rinus Michels is het jaar ervoor, in 1965, aangetrokken als trainer omdat de Amsterdamse club in het seizoen 1964-1965 zo slecht speelt dat degradatie op de loer ligt. Veel trainingservaring heeft Michels niet maar hij is jarenlang een succesvol voetballer bij Ajax geweest. Het elftal is gebaat bij zijn strenge, systematische aanpak, en het gaat al gauw beter draaien. Michels zorgt ervoor dat het Europees voetbal wordt binnengehaald. Toch blijft de vraag of dit Ajax het gevecht met andere Europese grootmachten aan kan. Het Portugese Benfica, de Spaanse club Real Madrid, de Engelse club FC Liverpool zijn de grote teams. Nu Ajax tot de tweede ronde van het toernooi is doorgedrongen en het grote FC Liverpool loot, stijgt de spanning. Engeland is dat jaar wereldkampioen geworden en Liverpool is de grote favoriet voor de Europese titel. Op 7 december zal het Ajax van Rinus Michels aantreden met onder andere Johan Cruijff, Sjaak Swart, Klaas Nuninga en Henk Groot. Het belooft een enerverende avond te worden.

Op woensdagmiddag 7 december 1966 vertrekken de spelers en trainers van Ajax, na een degelijke voorbereiding, vanaf het sportcentrum Zeist. De Ajax-selectie rijdt met eigen auto's naar het Olympisch Stadion in Amsterdam. De Europacup-wedstrijd moet om kwart over acht beginnen. Het is onduidelijk of de wedstrijd wel doorgaat. Er hangt namelijk een enorme mist over Nederland en misschien besluit de Italiaanse scheidsrechter Antonio Sbardella wel dat de wedstrijd moet worden afgelast.

Henk Groot rijdt mee met Sjaak Swart in zijn Citroën DS. Erg vlot verloopt de reis niet want de Snoek van Swart wil in eerste instantie niet starten. Uiteindelijk lukt het de mannen de auto aan de praat te krijgen. Groot: "We kwamen pas drie kwartier voor de wedstrijd aan." Michels is en blijft er rustig onder; hij heeft zijn mannen goed voorbereid en ziet de wedstrijd met vertrouwen tegemoet. Vervelend is dat Piet Keizer geblesseerd is en niet kan spelen. De ploeg moet deze tegenslag even verwerken want Keizer is erg belangrijk voor het team. De vervanger van Keizer is Cees de Wolf, een jonge speler die het jaar daarvoor nog speelde voor een amateurclub uit Purmerend. De Wolf vertelt: "Ik wist 's middags dat ik mocht invallen. Dit was voor mij een grote kans om door te breken."

Louis van Gaal is vijftien jaar en wil dolgraag naar de wedstrijd maar hij heeft geen kaartje. Er zit niets anders op dan langs de suppoosten te glippen. "Ik keek waar een wat oudere suppoost stond en dan glipte ik er langs. Zo'n man kwam dan toch niet achter me aan."

Aan elkaar gewaagd

Herman Kuiphof in gesprek met Bill Shankly
Zoom
Herman Kuiphof in gesprek met Bill Shankly

Michels versus Shankly

De Engelsen gaan ervan uit dat ze eenvoudig van Ajax kunnen winnen. Maar Ajax speelt in 1966 zeer goed in de nationale competitie en Liverpool heeft thuis nog niet veel successen geboekt. Ook in Europa heeft het team van Shankly veel moeite gehad de eerste ronde door te komen. Rinus Michels is ter voorbereiding op de ontmoeting met Liverpool naar een wedstrijd van de Engelsen gaan kijken. Michels en de spelers vinden het spel van Liverpool niet erg indrukwekkend.
Liverpool heeft een grote naam in Europa en wordt geleid door een markante coach, Bill Shankly. Rinus Michels en Shankly zijn aan elkaar gewaagd: ze staan beiden bekend om de sterke analyses van de tegenstander en ze zijn beiden niet bang voor confrontaties met de pers. Shankly heeft ter voorbereiding op de ontmoeting met Ajax de competitiewedstrijd Ajax-Telstar bekeken. In een interview met journalist Rien Bal van de NTS-televisie prijst Shankly vooral Telstar. Maar als hij terug is in Engeland laat hij zijn ploeg weten dat er een opvallende jonge speler in het team speelt: Johan Cruijff.

Televisiekijkers en voetballiefhebbers in Nederland kunnen er niet om heen: de wedstrijd Ajax-Liverpool is uitverkocht en mag dus rechtstreeks op de televisie worden uitgezonden. Het commentaar is van Herman Kuiphof. Eerder is Kuiphof al naar Liverpool gereisd om een voorbeschouwing te maken. Ook maakt hij een reportage over The Beatles; voor de stad Liverpool blijkt de muziek nog belangrijker dan het voetbal. Door alle voorbeschouwingen en publiciteit over de wedstrijd zijn alle kaartjes verkocht. In het Olympisch Stadion zitten 65.000 toeschouwers klaar om de wedstrijd te zien.

De inmiddels 87-jarige Herman Kuiphof: "Het was overdag al flink mistig, maar niet zo erg als 's avonds. Er waren allerlei wilde Indianenverhalen over dat de mist zou optrekken. Maar de mist trok niet op: het werd alleen maar erger." De voorzitter van Ajax, Jaap van Praag, komt voor de wedstrijd naar Kuiphof toe. "Van Praag zei tegen mij: 'Kun jij commentaar geven dat geschikt is voor de tribunes achter het doel?' Ik zei: 'Nee, dat kan ik niet.' Toen zei hij: 'Ze kunnen geen donder zien en ik ben bang dat ze straks ook niks zien en dan wil ik die mensen toch wat bieden.' Ik zei: 'Niet via mij, het spijt me, maar dat kan ik niet doen want dan verpest ik het voor de anderen."

De wedstrijd

Scheidsrechter Sbardella
Zoom
Scheidsrechter Sbardella

Ten koste van alles

Ondanks de mist wil iedereen, inclusief de beide ploegen, dat de wedstrijd doorgaat. Liverpool moet in het weekend tegen Manchester United spelen en de leiding is bang dat bij uitstel van de wedstrijd tegen Ajax de spelers zich niet goed kunnen voorbereiden op hun volgende wedstrijd. Ajax wil spelen omdat het stadion al vol zit met trouwe fans. Kuiphof: "Als de scheidsrechter vanuit de middencirkel de beide doelen niet kan zien, dan mag hij niet fluiten. Maar het bestuur van Ajax, met al die verkochte kaarten en dat publiek op de tribunes, was er op uit om de wedstrijd wel door te laten gaan. Ten koste van alles. En dat is gelukt. Maar het klopte niet."

De Nederlandse scheidsrechter Leo Horn begeleidt de Italiaanse scheidsrechter Antonio Sbardella tijdens zijn verblijf in Amsterdam. Vlak voor de wedstrijd begint gaat Leo Horn nog even bij hem langs. Hij heeft Ajax-verzorger Salo Muller gevraagd met hem mee te gaan omdat Sbardella last heeft van een schouder. Terwijl Muller hem behandelt discussiëren Horn en Sbardella over de mist. Leo Horn zegt: "Als je vanaf de middenstip beiden doelen kunt zien, kan er gespeeld worden. Geen gezeur verder." Sbardella bekijkt een half uur voor het begin van de wedstrijd de situatie op het veld en besluit dat er kan worden gespeeld.

Ajax speelt in het wit waardoor de spelers elkaar beter kunnen zien. De voorspelers zijn Sjaak Swart, Klaas Nuninga, Johan Cruijff en invaller Cees de Wolff. Op het middenveld spelen Henk Groot en Bennie Muller. Wim Suurbier, Tonnie Pronk, Frits Soetekouw en Theo van Duivenbode vormen de achterhoede. Gert Bals staat op het doel.

De wedstrijd begint goed voor Ajax. Al na drie minuten geeft Henk Groot vanaf rechts voor op De Wolf, die de bal vanaf de rand van het strafschopgebied hard achter Liverpool-doelman Lawrence kopt: 1-0. Op de tribunes hebben ze het doelpunt door de mist niet kunnen zien maar het geluid golft door het stadion. Cees de Wolff: "Toen ik had gescoord liepen we terug en toen hoorde ik het publiek in golven meejuichen." Ook Cruijff weet nog goed dat de mist een bijzonder effect had. "Ik geloof dat het wel 5 seconden duurde voordat onze eigen keeper het wist."

Het is een harde wedstrijd. Wim Suurbier krijgt een trap tegen zijn been en kan eigenlijk niet verder spelen, maar moet in het veld blijven omdat wisselspelers destijds niet waren toegestaan. Ook Henk Groot raakt geblesseerd; hij loopt een verwonding op aan zijn wenkbrauw. Salo Muller: "Ik ben, denk ik, wel zes of zeven keer het veld ingelopen zonder dat iemand me gezien heeft." Door de blessure van Suurbier moet Sjaak Swart veel harder werken. Hij is overal op het veld en na een kwartier passeert hij drie tegenstanders en geeft hij een scherpe voorzet op Klaas Nuninga. De bal wordt in eerste instantie door de doelman tegengehouden maar Johan Cruijff weet de bal toch tussen de palen te schieten. Cruijff: "Die keeper liet de bal los, toen kon ik 'm erin schieten." 2-0 voor Ajax. Kuiphof ziet op zijn televisiescherm meer dan de toeschouwers op de tribune, maar ook het beeld op zijn monitor is niet glashelder: "Kijk: als ze een beetje van de buitenste lijn van het veld wegwaren, dan was je ze kwijt. Dus ik heb geroepen: Sjaak, hier blijven." Louis van Gaal heeft het goed bekeken: hij is achter Herman Kuiphof gekropen. Nu kan hij meekijken op zijn televisiemonitor. "Vanaf de tribune zag je vrij weinig maar op scherm kon je het nog aardig volgen. Ik stond hier achter Kuiphof mooi uit de wind."

Ook coach Bill Shankly zegt later in een interview dat hij tijdens de wedstrijd zelfs even het veld is opgelopen om aanwijzingen te geven. "Je zag geen steek voor ogen," vertelt hij, "de scheidsrechter heeft me geeneens gezien." Het helpt de mannen uit Liverpool niet, want even later is het weer raak. Klaas Nuninga maakt 3-0. Vlak voor rust gebeurt er iets vreemds. Sjaak Swart heeft een fluitje gehoord en denkt dat het rust is. Swart: "Ik dacht dat de scheidsrechter had afgefloten. Bij de ingang naar de kleedkamers werd ik tegengehouden door het bestuurslid Jaap Hordijk." Hordijk maakt hem duidelijk dat het nog geen rust is en dat hij snel terug moet naar het veld. Swart: "Hij zei: Sjaak, wat doe je nou?' Ik ben toen snel weer teruggelopen, het veld in. Ik kreeg de bal, zette voor, en het was een doelpunt."

In de rust is de stemming positief. Tonnie Pronk: "Michels zei in de kleedkamer dat we niet moesten verslappen." De spelers zijn bang dat de scheidsrechter alsnog besluit de wedstrijd af te gelasten. En toch vindt Henk Groot ook nu nog dat het beter was geweest: "Je kon op een goed moment door de dichte mist beide doelen vanaf de middenstip met meer zien. Maar overspelen was ook weer niet de bedoeling."
De wedstrijd wordt niet afgelast en de mannen uit Liverpool beginnen na de rust fel. Toch scoort Liverpool niet. Het zijn de Amsterdammers die een vijfde doelpunt weten te maken. Vlak voor tijd redt verdediger Lawler van Liverpool de eer en maakt er 5-1 van.

De uitslag wordt met veel enthousiasme ontvangen. Henk Groot: "We hadden ze totaal verrast. Zo'n uitslag tegen de Engelse kampioen. Dat was wat, zeker voor die tijd." Shankly vindt dat Ajax geluk heeft gehad en zegt dat de Amsterdammers helemaal niet indrukwekkend hebben gespeeld. Tegen een verslaggever van de televisie zegt hij:
"Over een week in Liverpool winnen wij met 7-0."

De return in Liverpool

Ton Pronk
Zoom
Ton Pronk

Oorlog op Anfield Road

Maar Shankly krijgt geen gelijk. De Ajacieden komen aan in Liverpool en bereiden zich rustig voor op wat komen gaat. Michels en zijn spelers benaderen de wedstrijd heel serieus. Shankly heeft na de wedstrijd in Amsterdam gezegd dat het oorlog wordt op Anfield Road. "Ajax zal brancards nodig hebben." Verder probeert hij nogmaals duidelijk te maken dat hij niet onder de indruk is van de spelers: "Een doelman als Bals zou bij ons nog niet in het twaalfde staan." De spelers van Ajax zijn toch wel onder de indruk van zijn woorden. Tonnie Pronk: "Liverpool was toch een grootmacht. En Shankly deed alsof hij Ajax op een makkelijke manier zou verslaan. Zijn opmerkingen werkten eigenlijk als een rode lap op een stier. Wij waren weer de underdog."

De supporters van Liverpool zijn berucht. Verslaggever Herman Kuiphof maakt een reportage voor de NTS-televisie over de supporters die achter een van de doelen, de zogenoemde Spionkop, zitten. Ze zingen elke wedstrijd negentig minuten lang clubliederen en bekogelen de tegenstanders met penny's die ze in plastic zakjes hebben verzameld. Voordat de wedstrijd begint stuurt Michels de spelers daarom alvast het veld op. De spelers zijn zwaar onder de indruk. Henk Groot: "Ik zal het nooit vergeten. We stonden daar met het team oog in oog met die supporters en ze begonnen het clublied You'll Never Walk Alone te zingen. Het was de eerste keer dat ik dat hoorde. De rillingen liepen over mijn rug." Swart: "Het was de eerste keer dat ik dat lied hoorde. Ik vond het zo mooi. Sindsdien houd ik Liverpool altijd bij."

Rinus Michels drukt de jongens op het hart dat ze sterk moeten beginnen. Liverpool begint voortvarend. Het team speelt fel en aanvallend en Ajax heeft het moeilijk maar komt goed weg; twee keer schieten ze op de paal. Dan verandert het spel van de Engelsen en Ajax krijgt meer greep op de wedstrijd. Klaas Nuninga: "We stonden onder grote druk maar na een kwartier liep het goed." Net als een week eerder in Amsterdam is ook dit een harde wedstrijd en bij rust staat het nog 0-0. Maar vier minuten na rust scoort Cruijff 1-0. De supporters achter het doel vallen stil. Cruijff scoort nog een doelpunt en ook Liverpool maakt er twee.

Het keerpunt

Michels op de schouders van 'zijn' spelers
Zoom
Michels op de schouders van 'zijn' spelers

De methode Michels

Een gelijkspel. Na afloop van de wedstrijd zijn de spelers van Ajax dolgelukkig. In de kleedkamer zijn ze door het dolle heen en zingen ze: "Shankly kan zijn biezen pakken, hi ha ho." De coach van Liverpool komt ze feliciteren en zegt: "The war is over." Daar zijn de spelers nu nog van onder de indruk. Tonnie Pronk: "Ik vond het zo mooi dat hij dat kon opbrengen." De sterinvaller van de wedstrijd in Amsterdam, Cees de Wolf had de hele wedstrijd op de bank gezeten: "Het was zo spannend tijdens de wedstrijd en toen het voorbij was vierden we feest in de kleedkamer." Michels geeft de jongens die avond vrij, iets wat niet vaak voorkwam.

In Nederland is de opwinding compleet. Als de ploeg met het vliegtuig aankomt op Schiphol staan er duizenden fans op ze te wachten. Het lijkt alsof Ajax de Europacup al heeft gewonnen. Salo Muller: "Voor ons gevoel stonden er wel honderdduizend mensen. We konden het vliegtuig bijna niet uitkomen."

De overwinning in Liverpool en de professionele aanpak van Michels luiden een nieuw voetbaltijdperk in. Cruijff: "Michels heeft daar een groot aandeel in gehad, zonder twijfel. Dus de kwaliteiten die er waren, voegen bij verplichting in het veld, discipline in het veld. Ik denk dat we op dat moment klaar waren om als klein Nederland respect voor ons eigen voetbal te krijgen. Als je goed opleidt dan kan je gewoon met de groten meedoen, dat is gewoon gebleken." De methode Michels heeft gewerkt.

Research en tekst: Yfke Nijland
Samenstelling en regie: Dirk Jan Roeleven

Literatuur

Menno de Galan, De trots van de wereld. Michels, Cruijff en het Gouden Ajax van 1964-1974 (2006)

Salo Muller, Mijn Ajax (2006)

Evert Vermeer en Marcelle van Hoof, Ajax 100 jaar jubileumboek (2000)

Bronnen

Archiefmateriaal:

Instituut voor Beeld en Geluid
NOS Studio Sport

reacties